Academische en praktische vorming in de beroepspraktijk

De opleiding Humanistiek combineert academische met praktische vaardigheden, mede ook gericht op het overbrengen van kennis en handelingsmogelijkheden die je kunt inzetten op de werkvloer. Organisatieadviseur Illya Soffer en praktijkdocenten Bianca Lugten en Jantine Maaskant vertellen over de waarde van deze combinatie voor de beroepspraktijk. 

Ilya Soffer copyAllereerst een gesprek met Illya Soffer, senior organisatieadviseur bij Twynstra Gudde en stagebegeleider van masterstudente Sophie Albers.

“Ik zeg altijd: voor een verandering richting het normatieve en het humane hebben we ‘a few good men’ nodig: een paar moedige bestuurders die durven te kiezen voor verandering. Naar mijn mening zijn humanistiekstudenten ‘a few good men’ in de dop. Sophie liep stage bij mij en TG-partner Sef van Ments, in een team dat zich bezighoudt met het veranderen van menselijk gedrag in organisaties. In de beoordeling heb ik haar kwaliteiten en de humanistieke kennis beschreven als een orchidee: een bijzondere verschijning die een zeldzame kruising van eigenschappen heeft. Voor zoiets bijzonders heb je aandacht, daar wil je naar kijken. Maar het is ook heel kwetsbaar: als bijvoorbeeld de voedingsbodem of de kamertemperatuur niet goed is kan deze mooie plant verpieteren.”

Welke vaardigheden zijn u tijdens de stage opgevallen?
“In positieve zin valt het reflectievermogen op. Sophie kon direct reflecteren op wat er gebeurt in gesprekken en processen. Door de kijkwijze en de methoden die deze humanistiekstudent met zich meebracht had ik direct het gevoel dat we vakgenoten zijn. Dat kwam door de manier van kijken naar een fenomeen, het beschouwen van zaken door verschillende brillen en het onderzoeken van verschillende wijzen waarop een model kan worden begrepen door middel van betrokken waarneming. Daarin zag ik een vakgenootschap, terwijl de student natuurlijk geen echte vakgenoot is: ze is een stagiaire. En dat maakt dat ze een frisse en fruitige kijk op zaken die voorbij vaste denkkaders gaat.”

Wat is de waarde van een humanistiekstudent in het werkveld?
“Ik merk dat in de humanistiekstudent de wil zit om bij te dragen aan dat wat deugt. Het goed kunnen kijken en het agenderen van het menselijke is een van de sterke punten van de humanistiek. De student wil samen zoeken, puzzelen aan nieuwe vragen of mogelijke oplossingen en aanbevelingen doen als daar vraag naar is. De vraagstukken waarin dit kijken en puzzelen gewenst is zijn vaak complex. De humanistiekstudent is goed op zijn plek bij trajecten die onderzoekende interventies vragen.

De bijzondere combinatie van eigenschappen is een kwalitatief sterk punt van humanistiekstudenten, maar tegelijkertijd maakt deze kwaliteit ook kwetsbaar. Met uitvoeringsklussen doe je de humanistiekstudent geen plezier. Wanneer er binnen een vraagstuk geen ruimte is voor het inzetten van het fijngevoelige kijk- en vraaginstrument, moet je de opdracht toch uitvoeren. En dat kan lastig zijn als de voedingsbodem voor humanistieke kennis in de opdracht ontbreekt. Daarom beschrijf ik de humanistieke kennis juist als orchidee: prachtig, maar hij komt niet tot bloei wanneer de omstandigheden er niet naar zijn.”

Zou u collega’s aanraden een student Humanistiek stage te laten lopen?
“Ik kan iedere opdrachtgever die vraag heeft naar diagnostiek een student Humanistiek aanraden, mits er bereidheid is om alles op tafel te leggen. Omdat de student zich bezighoudt met normatieve elementen kunnen taboes in de organisatie worden aangeraakt. Dat vereist voorzichtigheid, maar je kunt hierin niet zonder openheid. Ik zou zeggen: onder die voorwaarde kan de humanistiek overal waar het vast zit wat betekenen. Dan kan de frisse, scherpe, getrainde blik zijn werk doen en dan kun je je bezighouden met het waarachtige en het werkelijke. Dan kan er een gesprek gevoerd worden over de inhoud en de norm voorbij het protocol. De humanistiek biedt daar interessante aanknopingspunten voor, en dat is goud waard.

En ook: Een gesprek met docent Gespreksvaardigheden Jantine Maaskant en docent Praktische humanistiek, in het bijzonder reflectievaardigheden Bianca Lugten

Jantine Maaskant: “In de wereld en in organisaties heb je te maken met bepaalde normen en waarden: Sommige dingen mag je doen, sommige dingen moet je doen en andere dingen moet je laten. Onder iedere gemeenschap liggen zulke ongeschreven regels. De vraag is hoe je je daar als mens toe verhoudt. Wat vind je zelf dat goed is om te doen? Praktisch onderwijs op de UvH gaat uit van de gedachte dat het belangrijk is zelf te weten wie jij bent en wat je normen en waarden zijn. In organisaties zie je soms dat normen en waarden van werknemers niet meer in overeenstemming zijn met de normen en waarden van de organisaties. Je komt op je werk in aanraking met grote en kleine vragen waar je niet zomaar een antwoord op hebt. Bewustwording hiervan voorkomt dat je in de knoop raakt, en dat bewustwordingsproces is wat plaatsheeft in praktisch onderwijs aan de Universiteit voor Humanistiek.’

OLYMPUS DIGITAL CAMERAWat is het nut van praktische vorming binnen een academische opleiding?
Bianca Lugten: “De Universiteit voor Humanistiek is het kenniscentrum van zingevingexpertise. Als je je als humanisticus bezighoudt met de zingeving van anderen, zul je op zijn minst moeten weten waar je eigen zinzoekende beweegredenen en motieven vandaan komen. Ik geef het vak ‘Existentiële en kennisinhoudelijke reflectie’, dat ik invul op de grondvesten van mijn voorganger Ina Brouwer. Zij is de moeder van de reflectievaardighedenpractica aan de UvH, en heeft hier een stevige praktijk neergezet met haar existentiële biografische reflectie. Ik ben met studenten bezig met zinzoekende normatieve reflectievaardigheden. Niet vanuit het motief dat studenten per se massief moeten weten wie zij zelf kunnen zijn, maar vanuit het idee dat zelfkennis van belang is omdat zelfkennis maakt dat je je goed staande kan houden in spanningsvelden. Als je goed weet wie je bent, wat van jezelf is en wat van ‘de ander’, dan valt de behoefte om direct een oordeel te vormen weg en kun je de gelaagdheid van een gesprek analyseren. Ik probeer studenten een moreel kompas te laten ontwikkelen. De slagader daarvan is de reflectie. Want alle professionele reflectie begint bij zelfreflectie: Er is geen goede algemene reflectie mogelijk zonder dat er eerst zelfreflectie is toegepast. Met zelfreflectie kun je namelijk bekijken wat het vertrekpunt is. Als je zaken vanuit jezelf leert te bekijken leer je verantwoordelijkheid te nemen voor je uitspraken, je gedachten, dat wat je weet en dat wat je verder nog wil ontwikkelen.”

Jantine Maaskant: “Zelfkennis is erg belangrijk. Als je een gesprek voert kun je veel technieken toepassen en dat is ook belangrijk, maar vanuit de humanistiek gaat het er om dat je goed weet wie je bent in het gesprek. Daarin volg ik het principe van mijn voorganger Denijs Bru: ‘Het heeft niet zo veel zin om te leren een perfect gesprek te voeren, maar juist het omgaan met je eigen onvolkomenheden is wat belangrijk is’. Dit is de kern van mijn onderwijs, en dat speelt zich af in de context van praktische en theoretische filosofie, het omgaan met macht, het analyseren van een gesprek. Dat zijn geen technische vaardigheden, het vormt samen een academische blik. UvH-studenten leren heel gelaagd te kijken naar wat er plaatsheeft in een proces, bijvoorbeeld binnen communicatie. Je kunt kijken naar de inhoud, het proces, het betrekkingsniveau, de emotie, en daarmee heb je een heel rijk instrument om te analyseren wat er plaatsheeft in een situatie. Naast zelfkennis is het ook belangrijk om confronterend te durven zijn over datgene wat je vanuit de zelfkennis hebt waargenomen.”

En wat is de meerwaarde van praktische vorming voor de beroepspraktijk?
Jantine Maaskant: “De meerwaarde van praktische vorming is het kunnen ervaren en snappen dat niemand onbevooroordeeld de wereld in kijkt. Mensen kijken altijd met een bepaalde bril op; ze kijken door verschillende filters naar de werkelijkheid. Objectiviteit bestaat in die zin niet: je geeft zelf betekenis aan de werkelijkheid die je ziet. Op het moment dat je dat weet en je bewust bent van je eigen kader, kun je breder gaan kijken. Je snapt dan dat je eigen perspectief niet het enige perspectief is. Een humanisticus kan heel goed zien hoe mensen vanuit hun eigen belevingswereld en vanuit eigen belangen en betekenisgeving het gesprek voeren. Als je dat geleerd hebt te herkennen, ben je in staat om ten eerste je daar toe te verhouden en ten tweede kun je verbindingen leggen omdat je heel goed hebt leren zien hoe de lijnen in zo’n gesprek lopen. Zelfs tot daar waar de besluitvorming plaatsheeft kan de humanisticus goede diensten bewijzen door te verbinden of te tonen waar de verschillende werkelijkheden liggen. En dat kan goed helpen om een gesprek op een hoger plan te tillen.”

Bianca Lugten: “Als je in staat bent om te reflecteren op de verschillende werkelijkheden aan de hand van zuivere analyses, kan je ze ook duidelijk laten zien aan elkaar, aan collega’s en werkgevers. En daarover kunnen mensen binnen beroepspraktijk met elkaar in gesprek gaan. Door dit reflexieve werk krijgen deze mensen op de werkvloer ook een meervoudig perspectief op belangrijke kwesties die aan de orde zijn. Daardoor wordt ook de keuze voor besluitvorming ruimer en diepgaander, want je kunt meer afwegen. Vanwege de focus op dialoog en reflecteren in de academische opleiding is de humanisticus in staat vooronderstellingen op te diepen. Die vooronderstellingen leggen een extra dimensie bloot, vaak ook voor degene met wie je in gesprek bent. Dimensies die wegvallen of worden geparkeerd kan een humanisticus zichtbaar maken. Er onstaan daardoor ook andere verhalen die het dominante perspectief veelkleuriger en rijker maken. Dat maakt dat een grote organisatie na analyse door een humanisticus haar besluitvorming vanuit een ruimer en meer afgewogen perspectief kan kiezen.”

Reageer op dit verhaal

Reageer

Je e-mailadres wordt niet getoond. Velden met een * zijn verplicht.

*