Anton van Imbosch en de panden van de UvH

Altijd al willen weten waarom onze grote collegezaal de Anton van Imbosch zaal heet? Anton van Imbosch was vanaf het begin nauw betrokken bij de huisvesting van de Universiteit voor Humanistiek. Eerst als conciërge voor het Humanistisch Opleidingsinstituut, later als hoofd van de Technische Dienst, heeft hij de nodige verbouwingen meegemaakt. Vlak voor hij met pensioen ging, klaarde Anton zijn laatste klus voor de UvH: de verbouwing van de Kromme Nieuwegracht 29.

Van Imbosch: “Op 1 maart 1983 kreeg het HOI zijn eerste eigen gebouw in Utrecht op de Van Asch van Wijckskade. Ik begon daar mijn eerste werkdag, toen nog als conciërge. En later Hoofd technische dienst. Natuurlijk was er al snel ruimtegebrek en werden er de nodige verbouwingen verricht om dit op te lossen. In de jaren daarop werkten we hard aan een aanvraag om een universiteitsstatus te kunnen verkrijgen. Wat heel veel werk met zich mee bracht natuurlijk, ook voor het ondersteunend personeel. Het HOI was een parttime opleiding en er werd ook op zaterdag nog les gegeven. Doordat de opleiding in één gebouw plaats vond, kende iedereen elkaar van naam en zeker van gezicht.

Toen wij eenmaal de status van universiteit  kregen, moesten wij er ruimte bij huren. We huurden de Drift van de Rijksgebouwdienst, waarna wij het later konden aankopen. Ook hier werden er weer de nodige verbouwingen verwezenlijkt. Het werd een mooi gebouw.

Maar omdat we verdeeld waren over twee gebouwen, en omdat we toch weer opnieuw ruimte gebrek kregen, gingen we op zoek naar een nieuw gebouw. Onder het rectoraat van Ilja Maso zijn we gaan onderhandelen met de Universiteit Utrecht. Dat was erg spannend. Uiteindelijk hebben we in 2008 de Drift kunnen verkopen en de Kromme Nieuwe Gracht 29 kunnen kopen.

Aan de Kromme Nieuwegracht moest veel verbouwd worden, en er was veel achterstallig onderhoud. Er kwam een bouwcommissie, onder leiding van Arie de Reus, met Henk Jaspers en Dorothé van Driel. We hebben heel wat vergaderd met aannemers en binnenhuis architecten. Ook werd er een verhuis commissie opgericht, dat was de bouwcommissie, plus Joachim Duyndam. Alles moest toch bij oplevering van de Drift in goede banen geleid worden. Ik heb na mijn pensioen leeftijd nog een jaar langer door gewerkt om deze klus samen tot een goed einde te brengen. Gelukkig is alles heel goed verlopen en ben ik trots dat ik aan mijn laatste klus heb mee mogen werken. Wij hebben er een mooi gebouw voor gekregen. Ik beschouw het ondanks mijn pensionering nog steeds een beetje als mijn gebouw. Ik kom nog steeds af en toe een bakkie doen, en een praatje maken met oud collega’s.”

Reageer op dit verhaal

Reageer

Je e-mailadres wordt niet getoond. Velden met een * zijn verplicht.

*